Proactief passief: sturend & volgend
15 juni 2026
Passief beleggen is inmiddels zo groot geworden dat het niet langer alleen passief kán zijn. Want wie meer dan de helft van al het fondsvermogen vertegenwoordigt, volgt de markt niet slechts. Die geeft haar ook vorm.
Passief beleggen heeft beleggers veel gebracht. Lage kosten, brede spreiding, discipline en eenvoud. Wie ooit in een duur, middelmatig actief fonds heeft belegd, begrijpt heel goed waarom indexbeleggen zo populair is geworden.
Maar de recente discussie rond grote beursgangen laat ook iets anders zien: een index is geen neutrale afspiegeling van de markt, maar het resultaat van keuzes en regels.
In de Verenigde Staten is indexbeleggen in aandelenfondsen inmiddels groter dan actief beleggen. In Amerikaanse aandelenfondsen is het verschil nog duidelijker: ruim 63% van het vermogen is passief belegd.
Ook in de rest van de wereld is deze ontwikkeling al enige tijd duidelijk zichtbaar. Daarmee zijn indexregels belangrijker dan ooit. Maar hoe strikt zijn die regels?
Wanneer volgen ook sturen wordt
Nasdaq heeft de regels voor de Nasdaq-100 aangepast, zodat zeer grote nieuwkomers al na 15 handelsdagen kunnen worden opgenomen wanneer zij maar hoog genoeg in de marktkapitalisatie-ranking uitkomen. S&P besloot juist wel de bestaande regels voor de S&P 500 te handhaven: minimaal twaalf maanden beursnotering, voldoende vrije verhandelbaarheid en positieve winstgevendheid.
Voor een belegger in een indexfonds is dat geen technisch detail. Het bepaalt of een aandeel vroeg, laat of helemaal niet in de portefeuille verschijnt. Dat is een beleggingskeuze. Alleen wordt die keuze niet door de eindbelegger gemaakt, maar door de indexmethodologie.
De IPO als stresstest voor de index
Daarom zijn ook binnen passief beleggen de verschillen groot. De recente beursgang van SpaceX en de verwachte megabeursgangen van OpenAI en Anthropic maken dat heel concreet: de ene index neemt zo’n onderneming vrijwel direct op, de andere pas veel later — of mogelijk helemaal niet.
Een goed voorbeeld: wie “small caps” koopt via de bekende Russell 2000 koopt iets heel anders dan wie small caps koopt via de minder bekende S&P SmallCap 600. De ene index bevat aandelen ruwweg gebaseerd op omvang, de andere hanteert onder meer de eis dat er winst gemaakt moet worden. Over lange periodes kan dat fors verschil maken:
“U koopt niet simpelweg de markt. U koopt een set met regels.”

Dat maakt passief beleggen niet verkeerd. Integendeel. Voor veel beleggers is goedkope, brede marktparticipatie een rationele basis om het marktgemiddelde rendement te behalen. Maar gemiddeld is niet hetzelfde als passend.
Waarom Catalpa bewust actief belegt
Daarom beleggen wij niet passief. Niet omdat indexbeleggen geen waarde heeft, maar omdat vermogensbeheer voor families, ondernemers en stichtingen begint bij bewuste keuzes — en niet bij het automatisch volgen van de markt.
Welke ondernemingen willen wij bezitten? Tegen welke prijs? Welke risico’s willen wij juist vermijden? Hoeveel concentratie is verantwoord? Welke valuta- en renterisico’s passen bij het vermogen? En welke portefeuille kunnen wij ook uitleggen wanneer markten tijdelijk tegenzitten?
Een index kent die vragen niet. Een index kent geen cliënt, geen doelstelling, geen liquiditeitsbehoefte, geen bestuursverantwoordelijkheid en geen moreel of fiscaal kader. Een index weegt in veel gevallen vooral wat al groot is geworden. Dat kan efficiënt zijn. Maar het kan ook betekenen dat beleggers automatisch méér kopen van wat duurder is geworden.
Naarmate meer vermogen dezelfde indexregels volgt, neemt het belang toe van beleggers die niet automatisch kopen wat groter wordt.
“Wij adviseren de passieve belegger daarom wel te blijven nadenken.”

Voor ons begint vermogensbeheer waar de index ophoudt: bij selectie, waardering, risicobeheersing en de bereidheid om af te wijken.
Niet passief dus. Wel proactief.